Het Christelijk Literair Overleg heeft op zaterdag 19 maart 2016 tijdens de CLO Literatuurdag opnieuw de CLO Juryprijs uitgereikt. Met deze prijs wil het CLO auteurs in de aandacht plaatsen die het christelijk geloof een positieve rol van betekenis geven in hun werk en tegelijk literaire kwaliteit nastreven. De prijs is bedoeld voor de beste oorspronkelijk Nederlandse roman die in 2014 of 2015 is verschenen.

De jury bestond deze keer uit Hans Werkman (voorzitter), Len Borgdorff, Andries Knevel, Henriëtte van de Wetering en Mieke Wilcke. Zij kozen voor de shortlist romans van Rosita Steenbeek, Helga Warmels, Vonne van der Meer, Janne IJmker en Arie Kok.

De CLO Juryprijs 2016 werd toegekend aan Vonne van der Meer voor haar roman Winter in Gloster Huis.

Hieronder het volledige juryrapport, zoals dat op de CLO-dag werd uitgesproken door Hans Werkman:

Dames en heren,

De CLO Juryprijs is ingesteld ‘om het literaire leven in Nederland dat in relatie staat tot het christelijk geloof te stimuleren.’ Zo staat het in de opdracht/omschrijving van het CLO-bestuur. Dit literaire leven speelt zich niet af in een christelijk hoekje. Het maakt deel uit van de literatuur in het algemeen en dus van haar eigen tijd. Dit eigentijdse blijkt uit onze shortlist. In de vijf boeken die wij selecteerden spelen twee belangrijke thema’s-van-nu een grote rol: de Tweede Wereldoorlog en de oud geworden mens in zijn aftakeling. Dit zijn ook maatschappelijke thema’s. Over de Tweede Wereldoorlog verschijnen nog altijd verhalen die de discussie steunen. Ook over oud zijn, dementeren en een wel of niet gekozen levenseinde is veel in verhaalvorm geschreven, vooral sinds 1984, toen Hersenschimmen van Bernlef verscheen.

Onze shortlist houdt ons een spiegel van onze tijd voor. Janne IJmker en Rosita Steenbeek schrijven over hun voorgeslacht in de Tweede Wereldoorlog, Vonne van der Meer en Helga Warmels kozen het levenseinde van oud geworden mensen als thema, wel of niet in het kader van dementie. In het boek van Arie Kok vallen beide thema’s samen: heel oude mensen praten over het ding dat maar niet voorbij wil gaan, de oorlog.

Over ieder boek op de shortlist zal ik namens de jury kort iets zeggen, in de neutrale alfabetische volgorde van auteurs.

Janne IJmker vraagt in Wij hadden het leven lief aandacht voor de tamelijk onbekende Joodse werkkampen in Drenthe, voorportalen van Westerbork. Ze kijkt vanuit drie perspectieven: van de archiefonderzoeker, van de oude moeder met haar oral history en van de jonge kampgevangene als briefschrijver. Het getuigt van literair gevoel dat hiermee ook drie verschillende stijlen zijn ontstaan. Bovendien komt IJmker in haar boek met een interessant auteursprobleem: kan een verhaal ooit de werkelijkheid weergeven? Het christelijke element is organisch door het verhaal geweven, vooral in de worsteling om het raadsel van het kwaad.

Arie Kok toont in zijn novelle Nachtmotet een rustige, afgewogen stijl. Zijn flashbacks zijn op natuurlijk wijze ingevoegd. Hij beschrijft de contacten van twee heel oude mensen die bij elkaar te biecht gaan over hun liefdeservaringen in de Tweede Wereldoorlog, intens en pijnlijk. Muziek functioneert als onruststoker en rustgever. Het is Mendelsohn versus Wagner, liefde versus oorlog, bloemen versus dreigende dementie en dood. De hoofdpersonen zijn mensen die naar de rand van het christelijk geloof zijn afgedreven, en die elkaar aan die rand weten te vinden in tekenen van hoop.

Vonne van der Meer koos met Winter in Gloster Huis een onderwerp dat midden in de maatschappelijke discussie staat. Het begin van haar boeiende en menselijke roman doet denken aan een jongensboek—de vondst van een verborgen schat. Maar eigenlijk gaat het ook over twee jongensachtige volwassen broers, die bloedernstig hun heel verschillende ideeën en idealen verdedigen over het levenseinde van de oud geworden mens die nog wel gezond is maar op het leven is uitgekeken en dood wil. Thematisch in dit stijlvol geschreven boek is de liefde voor de waarde van het leven.

Rosita Steenbeek richt in een vlotte en naturelle stijl de schijnwerper op het overleven in oorlogstijd van haar grootouders en de voorgeschiedenis daarvan in Duitsland. Ze schrijft faction, een mengsel van non-fictie en fictie. De gevoelens van de hoofdpersonen zijn overtuigend beschreven: Gerhard, de dominee, in zijn liefde voor Rose en zijn besluit tot verzet tegen de Duitsers—en Rose, de Duits-joodse vrouw, die als de Bijbelse Ruth haar land en haar godsdienst verlaat, maar altijd pijn blijft lijden aan haar formele overgang naar het christelijke geloof.

Helga Warmels zet ons met haar titel Goede dagen terecht op het verkeerde been. Haar roman is een debuut dat de lezer meeneemt. In een realistische stijl laat zij een ouder echtpaar allerlei fasen van het dementieproces doormaken. Geregeld springt het verhaal soepel over naar een flashback. De ene lezer kan zich afvragen of ze in sommige aspecten niet wat doorschiet, de andere lezer zal deze psychologische lijnen in de roman juist willen bevestigen. De roman doet een beroep op de lezer om mee te denken, en dit geldt ook de gestelde geloofsvragen.

Uit dit vijftal koos de jury één roman als de beste. De bekroonde roman is: Winter in Gloster Huis van Vonne van der Meer. Binnen de jury dook voor dit boek opeens een bijnaam op: ‘het boek Esther’. Waarom? We weten dat in het Bijbelboek Esther de naam van God niet voorkomt. Maar het heeft wel een uiterst ethisch karakter, in zichzelf en in de context. Zo is het ook met Winter in Gloster Huis. De schaarse joods-christelijke verwijzingen zitten in een heel klein hoekje: een klok die een oud verlangen wekt, de titels van enkele romans waarin het geloof een rol speelt: Job, Lila.

Vonne van der Meer heeft een spraakmakend thema tot roman gemaakt. Ze heeft ervoor gekozen, zoals ze vertelde in een tv-interview, om haar persoonlijke geloof hierin niet expliciet te maken, omdat ze het idee had dat ze het onderwerp dan naar zichzelf als christen toe zou trekken. De roman is al vele malen geciteerd, tot in de Tweede Kamer toe. Het verhaal heeft een sterk ethische lading ten aanzien van de waarde van het leven voor de oud geworden mens. Maar ook de andere partij komt volledig aan het woord. De liefde heeft het laatste woord. Vonne van der Meer heeft haar thema vorm gegeven in een uitnemende stijl en compositie. De jury besloot de CLO Juryprijs toe te kennen aan haar ‘boek Esther’: Winter in Gloster Huis.