|
Recensie: De vrouw met de sleutel - Vonne van der Meer |
De vrouw met de sleutel – Vonne van der Meer Leesboek Vonne van der Meer schrijft verhalen. ‘Die dertig pagina’s, daar hou ik van’, zegt zij in lezingen. Langer is ook mooi, als verhalen in elkaar haken is het prachtig, maar het bestek van dertig bladzijden is de ruimte waarbinnen er iets gebeuren kan. Zoals een sonnet veertien regels heeft en er een essentieel verschil in werking is tussen gedichten die op de pagina passen en gedichten die daar over heen lopen, zo laat Van der Meer haar personages elkaar graag treffen binnen een verhaal. Vonne van der Meer (1952) debuteerde vijfentwintig jaar geleden met Het limonadegevoel en andere verhalen (1985), kwam na drie romans met de verhalenbundel Nachtgoed (1993) en de novelle Spookliefde (1995), en publiceerde ook nadien regelmatig verhalen in kranten en tijdschriften, die dan weer met eerder werk in verzamelbundels terecht kwamen. Inmiddels schreef zij tien romans en de helft daarvan bouwde Van der Meer eveneens op uit met elkaar verbonden verhalen. Het begon met de drie Vlielandboeken Eilandgasten, De avondboot en Laatste seizoen (1999-2002), waarin een vakantiehuis, het gastenboek en de werkster de verbindende factor vormen. In Ik verbind u door, verschenen in 2004, is die factor slechts een ergernis, die door totaal verschillende mensen onbewust ongehumeurd aan elkaar wordt doorgegeven en aan het einde van het boek verhevigd blijkt tot brute agressie. En nu is er De vrouw met de sleutel, met een raamvertelling die alle aandacht opeist en de andere verhalen in zich opneemt. |
|
Lees meer...
|
|
|
Recensie: De laatste patiënt - Mirjam van der Vegt |
De laatste patiënt Mirjam van der Vegt Uitgeverij Mozaïek Oktober 2011 Mirjam van der Vegt ( 1977) is schrijver, spreker en trainer en is werkzaam bij de Evangelische Omroep als redacteur bij het programmablad Visie. De laatste patiënt is haar tweede roman, eerder verscheen Schaduwvlucht. Inhoud Hoofdpersoon in dit verhaal is Ava. Ava shopt van de ene dokter naar de andere vanwege niet specifiek te duiden spier- en zenuwklachten. Op het moment dat het verhaal begint, zoekt ze ten einde raad hulp bij een oude neuroloog, Aron Sahne. De klachten zijn begonnen na de geboorte en het overlijden van haar zoontje Jonas maar zelf weigert ze het verband te zien tussen dit trauma en haar klachten. Aron is een neuroloog op zeer hoge leeftijd, die worstelt met het verloop van zijn leven en, blijkt later, ook met darmkanker, waaraan hij uiteindelijk zal overlijden. Hij wil Ava behandelen maar als blijkt hoezeer ze op zijn overleden vrouw lijkt, raakt hij steeds meer op haar als persoon gesteld. De relatie arts-patient verandert in de loop van het boek naar een platonische liefdesrelatie. Dit komt onder meer tot uiting in het naaktportret dat hij van haar maakt. Het huwelijk van Ava en haar man Erick loopt stuk; ze kunnen het verdriet niet samen verwerken. Het huwelijk van Aron met zijn vrouw Japke was destijds vol liefde maar ook met geheimen. Japke had een verhouding waarui een zoon werd geboren, Rubin. Rubin weet dit niet. Vader en zoon hebben geen contact. Aron wil het geheim niet in zijn graf meenemen. Hij schrijft een levensboek. Ava’s klachten worden steeds erger, Aron wordt steeds zieker. Ze gaan samen op reis naar de Ardennen om daar Rubin te ontmoeten. Daar begint het tweede deel van het boek. Rubin en zijn vrouw Aurelie zijn op zijn zachts gezegd geschokt als Aron hun leven binnenkomt. En ook nog met een patiënt die meer blijkt te zijn dan een patiënt. Ava beleeft een catharsis en is in één dag klachtenvrij. Aron sterft, hij heeft zijn levensverhaal op papier gezet maar laat het onthullen van het geheim aan Ava over. Terug in Nederland zet Ava de zaken op een rij. Ze kan er echter niet toe komen Rubin de laatste brief van zijn vader te geven. Daar wacht ze mee tot Rubin er klaar voor zal zijn. |
|
Lees meer...
|
|
Homerus, Vergilius, Dante, Milton of Vondel dichters noemen is nietszeggend. Het gaat in al deze gevallen om kennisoverdracht. Het gebruik van een versvorm is hier volstrekt secundair, of slechts een vehikel. Lucebert, Willem Jan Otten, Jean Pierre Rawie of Jacques Perk zijn inderdaad dichters in de zin dat ze geen kennis overdragen. Als ze dat zouden willen, gebruiken ze een ander vehikel. We voelen allemaal dat de eerste vier van een verheven plan zijn, gezien het grote belang van hun onderwerpen. Enkel dichten, ofwel verzen vlechten, rijmen of juist niet, spelen met gevoelens en allerlei associaties uitproberen is bijna iedereen gegeven. |
|
Lees meer...
|
|
|
1. Nineve is je eerste roman. Waarom heb je besloten om een roman te gaan schrijven? Schrijven is eigenlijk altijd mijn hobby geweest. Als tiener schreef ik korte verhalen en tijdens mijn studententijd heb ik al eens geprobeerd een hele roman te schrijven. Dat is toen ook gelukt, maar via een bureaulade is het verhaal in de prullenbak beland. Het was dan ook meer een oefening, ik denk dat je wat levenservaring nodig hebt voor je echt iets kunt neerzetten. Ik ben ook altijd met muziek bezig geweest en heb een aantal cd´s gemaakt met mijn band Ponoka. De droom om een roman te schrijven is echter gebleven. Ik kan er geen diepzinnig antwoord op geven, ik wilde het gewoon graag. Ik wilde in de eerste plaats een vlot, lekker leesbaar verhaal schrijven. Je heb met je debuut alle tijd om na te denken, dus ik heb er lang over gedaan. Ik denk dat de roman uit mijn jeugd een basis is geweest voor deze roman. Zowel de roman uit mijn studententijd als Nineve bevat losse scènes en karakters; sommige scènes en personages hebben het in een andere vorm overleefd. 2. Hoe kwam je bij uitgeverij Brandaan terecht? Ik wilde niet direct bij een expliciet christelijke uitgeverij terechtkomen. Toen ik het verhaal geschreven had, heb ik het aan verschillende mensen laten lezen, zowel christelijk als niet-christelijk. Een van hen was Peter van Dijk van Brandaan. Hij was erg enthousiast. We hebben gepraat over Brandaan en ik vond het een sympathieke, kleine uitgeverij. Ik wilde niet in de christelijke hoek vastzitten, omdat ik uit ervaring weet dat je daar niet meer uitkomt. Je zet een stempel op jezelf en ik houd niet van stempels. Hetzelfde geldt voor mijn band. Het is geen gospelband. Ik maak popmuziek, soms over God, soms over mijn vrienden, soms over de liefde. De boeken die uitgegeven worden bij Brandaan hebben in het algemeen een religieus thema, maar zijn niet propagandistisch. Daarnaast snapte Peter mijn verhaal direct en hij begeleidde mij enorm goed. Ik was nauw betrokken bij vormgeving en pr en dergelijke zaken. |
|
Lees meer...
|
|

Willem Jan Otten werd in 1951 geboren in Amsterdam in een muzikantenfamilie. Op zijn eenentwintigste ontving hij de Reina Prinsen Geerligsprijs voor zijn debuut, de poëziebundel Een zwaluw vol zaagsel. Otten heeft zich in de loop der jaren ontwikkeld tot een van de meest veelzijdige auteurs in Nederland. Hij schrijft poëzie, verhalend proza, toneel, kritieken en essays. Na zijn debuut volgde nog een reeks dichtbundels, waaronder De eend, Ik zoek het hier (Herman Gorterprijs 1981), Na de nachttrein en Paviljoenen (Jan Campertprijs 1992). Otten studeerde enige tijd Engels en filosofie, tot hij in 1975 theatermedewerker werd bij Vrij Nederland. Hij bleef daar tot 1981, maar hij is als criticus en essayist werkzaam gebleven en publiceert regelmatig over toneel, film en literatuur in o.a. NRC-Handelsblad. In 1986 verscheen een essay over pornografie, Denken is een lust. Hij werkte verder onder meer mee aan het literaire tijdschrift De Revisor en hij was redacteur van Tirade. Vanaf 1981 was Willem Jan Otten drie jaar lang dramaturg bij toneelgroep Baal. Hij schreef zelf ook toneel. In 1983 publiceerde hij Een sneeuw, dat onder regie van Ton Lutz door toneelgroep Theater op de planken werd gebracht. Het stuk werd goed ontvangen. Hierna volgde Lichaam en Blik, dat bij Baal in première ging. Beide toneelstukken gaan over familiebanden, net als de roman Een man van horen zeggen. Het verhaal gaat over een reeds tien jaar overleden pianist, die alleen bestaat wanneer zijn nabestaanden aan hem denken. Een man van horen zeggen werd door Maarten 't Hart "een klein juweel" genoemd. |
|
Lees meer...
|
|
|
|
|
<< Start < Prev 1 2 Next > End >>
|
|
Page 1 of 2 |